Posts tonen met het label Mont Ventoux. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Mont Ventoux. Alle posts tonen

vrijdag 2 juli 2010

de finale

De laatste rit van ons weekje fietsen in de Provence zou een rustige worden. René had in het grote routeboek een leuk ritje bedacht en de protesten uit de groep naast zich neer gelegd.
Zo klommen we gezapig van de 309 meter in Bédoin via Flassan naar 892 meter, het hoogste punt op de D217. Daarna de D1 over steken en via la Gabelle door naar 910 meter om daarna te dalen naar Sault.

Iedereen zat ondanks de monstertocht van gisteren redelijk ontspannen op de fiets, al was het tempo vandaag wel piano – piano. Net als de laatste etappe in de tour. De champagne ontbrak nog net, maar voor de rest was het zo relaxt. Alleen René had last van z’n maag en reed als een oude krant. Toch te veel gelletjes en powerbars genuttigd? Je maag moet er maar tegen kunnen, al die troep.

In Sault deden we een rondje koffie op het terras waar we nu al voor de 3e maal kwamen. We kregen nu zelfs 1 bakkie koffie gratis. Allemaal een slok.


Na Sault een stukje terug en dan de Gorges de la Nesque in. Prachtig. Het blijft mooi die kloof. Na het uitzicht op het hoogste punt, 20 km dalen tot Villes s Auzon. Maar het was geen straf. Niet te hard gaan en je ogen goed te kost geven. Wat een uitzicht, wat kan de natuur toch mooi zijn.

Na Villes s Auzon was het gewoon uitzitten tot Bédoin. Gelukkig liep de weg af, dus konden de beentjes heerlijk ontspannen draaien.

Bij thuiskomst nog één maal plonsen en opbakken op het gazon. Dan voetbal kijken en barbecueën.
Tjo, het lijkt wel vakantie. Dit houd ik wel even vol. Maar helaas, morgen is het weer over.

Race +74 km.

Alle foto's op http://picasaweb.google.nl/Pedorie/MontVentoux#

donderdag 1 juli 2010

club der malloten

"N'est pas fou qui monte au Ventoux, mais est bien fou qui y retourne."
"Je bent niet gek als je de Ventoux beklimt, maar gestoord als je het nog eens doet."

Provençaals gezegde

Om lid te mogen worden van de club der malloten, Le Club des Cinglés du Mont-Ventoux van Christian Pic uit Sorbiers, dien je op  één dag de Mont Ventoux te beklimmen vanaf alle drie de kanten. Dus vanuit Bédoin, uit Malaucène en vanaf Sault. In totaal 136 km en 4400 hoogte meters!

Zes gestoorden uit Uitgeest gingen  een poging doen om voortaan als Malloot versleten te worden.
Om 7 uur zaten we al op de fiets, voordat de hitte toe zou slaan. Eerst een stempel halen bij de bakker in Bédoin en dan omhoog.

De eerste beklimming ging nog soepel, althans voor mij. Benno klaagde al gelijk over dikke benen en ook René zat ondanks zijn echte rustdag (hij had als enige gisteren niet gefietst) niet lekker op de fiets. Later zou Benno bij Chalet Reynard rechtsaf slaan en via Sault en Gorges de la Nesque terug fietsen.

Het was nog erg rustig in de beklimming. Een ander voordeel van de vroege start was dat de vliegen in het bos nog sliepen.  Ook voor de fotograven op de top was het nog te vroeg dus geen actie foto’s van de eerste beklimming. Ik deed het iets rustiger aan dan afgelopen dinsdag maar was toch net voor negen op de top. Het winkeltje was nog dicht dus we moesten buiten stempelen. Net toen ik de afdaling naar Malaucène wilde beginnen kwam Kees boven. Even gewacht tot ook hij gestempeld had en een banaantje verorberd had zodat we samen konden dalen.

Het had afgelopen nacht flink geregend op de berg want de weg naar Malaucène lag vol puin en stenen. Oppassen dus. In Malaucène een stempel gehaald bij de tabakzaak op het plein en toen een Grande Café. Net toen we weer wilde opstappen kwam familie van Goethem het plein op fietsen. Even de verhalen aan gehoord en toen in de pendalen.

De beklimming vanuit Malaucène is veel ongelijkmatiger dan die van Bédoin. Stukken van 6%, lekker. Maar ook stukken van ruim 12%, auw. De vliegen waren inmiddels wakker en maakte het ons knap lastig. Om 10 voor twaalf was ik boven. Even stempelen en een boterham. De top zat in de wolken, dus het was te fris om lang te blijven hangen. Snel het windstoppertje aan en dalen maar.

Ik wist dat je bij Chalet Reynard  af moest slaan, maar daar zag ik geen bordje richting Sault. Was het toch ietsje verder op? Na 800 meter nog geen afslag. Toch maar even gestopt. Ik probeerde Kees te bellen maar die was letterlijk in de wolken en had geen ontvangst. Toen maar terug gereden naar Chalet Reynard waar ik nu wel een bordje naar Sault zag. Stond zeker een auto voor.

De afdaling naar Sault liep niet lekker. Slecht asfalt en lang, heel erg lang. 20 km dalen wordt je wel zat hoor. En een kilometer voor Sault mocht je weer even klimmen. Dat was niet fijn. (voorzichtig uitgedrukt.)
In Sault ben ik, na gestempeld te hebben, lekker met een tostie ham kaas in de schaduw gaan liggen, word ik bij overreden door een malloot op een racefiets. Kees was inmiddels ook in Sault gearriveerd en bij zijn zoektocht naar mij bijna over m’n benen gereden. Zal je toch gebeuren.

Samen even lekker zitten ontspannen, daarna op het terras een koffie besteld, al hadden we reuzen trek in één van die lekkere biertjes die langs kwamen. Net toen we wilden gaan kwamen Marcel en Raymond aan. Zonder René, want die was in de beklimming vanuit Malaucène omgekeerd.

De beklimming vanuit Sault tot Chalet Reynard loopt niet zo steil. In 20 km ga je van 770 meter naar 1419 meter. Maar het was heet. Kees reed zonder helm en ik hield het hoofd koel door m’n bidon over m’n helm leeg te knijpen. Zodoende moest ik in Chalet Reynard een pitstop houden om even de tank te vullen.  Kees kwam me hier fluitend voorbij.

De laatste 6 kilometer had ik het zwaar. De hoogtemeters liepen tergend langzaam op. De ketting op de 23 en verstand op 0. Voorbij het monument voor Tommy Simpson mocht ik van me zelf pas op de 25 schakelen. De weg stijgt daar  namelijk  tot zo’n 11%. Nog 1 kilometer. Kees zag ik al niet meer, kon me ook niet schelen. Mijn enige doel was bovenkomen. Om 15:55 duwde ik mijn stempelkaart in de gleuf. Het is me gelukt. Ik ben nu officieel malloot!

Om dit te vieren heb ik me zelf getrakteerd op een mooi t-shirt. Ook Kees heeft een mooi koersshirt  aangeschaft.
Nu snel dalen en met dat wel verdiende biertje het zwembad in. Tijdens de afdaling kwamen we Raymond gevolgd door Marcel tegen. Zij moesten nog even stoempen voordat ze ook de titel Malloot achter hun naam mogen zetten.

Dit was eens en nooit meer. Of toch ….

Race + 138 km, 4500 hoogtemeter

woensdag 30 juni 2010

woensdag - rustdag

Om ons niet te veel te vermoeien voor de 3 dubbele klim van morgen hadden we gisteravond besloten vandaag een rustdag te houden, met een klein vlak ritje om de spieren niet helemaal vast te laten roesten.

Geen wekkers, niet vroeg opstaan, gewoon een ontspannen ochtend en dan op de fiets naar Vaison la Romaine, een oud Romeins stadje was het plan. Van Bédoin naar Malaucène over de col de Madeleine, goed om de beentjes los te trappen. In Malaucène slalomment door de markt. Hier vond Marcel groene bordjes met een fietsertje er op. “Dat is een soort pontjes route, maar dan op z’n Frans”. We besloten het bordje maar te volgen, de weg ging richting Entrechaux en zo zouden we ook in Vaison la Romaine kunnen komen. In totaal nog 2 groene bordjes tegen gekomen en de laatste stond de andere kant op, maar uiteindelijk kwamen we wel in Vaison la Romaine.

In eerste instantie weinig historische waarden kunnen ontdekken. Wel lekkere koffie. (bij Piet Piraat). Toen we weer verder gingen ontdekte we de oude Romeinse nederzetting maar van reisleider Benno moesten we verder. En volgens Kees lijken al die oude gebouwen toch op elkaar. Mis je niets aan.

Net na Vaison la Romaine gingen we rechts een smal asfalt weggetje op. Hier zagen we her en der verspreid auto’s geparkeerd met een enkele man er in. Raymond vroeg zich af of dit een soort “Spaarnwoude” was. Ik reed in mijn Giro shirt dus keek wel steeds achterom …

Het asfalt zat vol gaten en Marcel reed zijn achterband lek op de rivierbedding. Na de band te vervangen te hebben kwamen we bij een splitsing waar we richting Suzette gingen. Maar de gaten in het asfalt werden steeds groter tot er op een gegeven moment geen asfalt maar kiezelsteen lagen. We waren niet op de dikkebanden fiets dus na 200 meter verkenning, misschien ligt er daar om de hoek weer asfalt, zijn we toch maar omgekeerd en de andere weg op de kruising gekozen. Met een omweg kwamen we weer in Vaison la Romaine waar we via de drukke autoweg terug naar Malaucène fietsten. Weer even de col de Madeleine over en dan dalen naar huis. Ik haalde Benno op de klim in en hij bleef plakken aan mijn achterwiel. Eindelijk toen ik mijn sprint naar de top inzette raakte ik hem kwijt.

Tegen drie uur reden we Bédoin weer in en tijdens een kopje koffie begon het buiten te omweren en te regenen! Gelukkig koelde het nu iets af, want +38 graden (op de fietscomputer) is toch wel erg warm om te fietsen.
Een ontspannen ritje was het. Met 68 km en ca. 900 hoogtemeters.


Alle foto's: http://picasaweb.google.nl/Pedorie/MontVentoux#

dinsdag 29 juni 2010

mijn eerste keer

De route van vandaag stond in het “routeboek” geklasseerd met moeilijkheidsgraad 3. Te doen voor iedereen, maken er een leuke dag van met diverse terrasjes. Maar boven op 1912 meter dacht menigeen toch anders over deze klassering, na 2 uur afzien met een hoofdletter A.

De dag begon al vroeg, rond half acht werd er al brood gehaald zodat we vroeg in het zadel konden en zodoende voor de zinderende hitte het bos van Sainte-Colombe en Sainte-Esteve in te kunnen rijden.
Even na half negen reden we de koperen? streep in Bédoin over en werden de stopwatches ingedrukt. 21 en een halve kilometer klimmen, met een gemiddeld stijgingspercentage van 7,5% waarbij de eerste 5 km rond de 5% zit en de rest tegen en soms zelfs over de 10% hikt.

Ik reed gelijk stevig weg, maar nog wel met de 3 beklimmingen van morgen in het achterhoofd. Tot Sainte-Colombe ging het in een lekker tempo, maar dan begint het bos en stijgt de weg pas echt. Voor terug naar het kleine blad en achter tussen de 19 en 21 switchen. De weg gaat redelijk gelijkmatig omhoog, soms bij bochten iets steiler en moet je even staan om in het zelfde tempo te blijven trappen.

In het bos heb ik veel vrienden die het leuk vinden om me aan te moedigen door op m’n schouder, helm of bril te gaan zitten. Gewoon negeren en focussen op dat achterwiel in de verte dat langzaam dichterbij komt. Vele renners heb ik zo terug gehaald maar geen enkele haalde mij in. Had ik dan toch zo’n stevig tempo.

Na een bosrit van 15 km kom je eindelijk boven de boomgrens uit. Bij Chalet Reynard maak je een bocht en waan je je echt op de maan. Kaal, enkel witte stenen en rotsen. Heel speciaal. De weg is nu iets minder steil van 10% in het bos terug naar een procent of 8. Het kan hier erg spoken. De wind heeft vrij spel, maar gelukkig vandaag een dagje vrij af. Op sommige stukken kon ik zelfs een paar tandjes zwaarder trappen en de teller over de 16 km/uur heen persen.  Zig zaggend rij je nu het laatste stuk van de berg op. Nog een paar honderd meter stijgen en dan zou de klok uit kunnen en de benen rust krijgen. Nog even door bijten.

Ik werd gewaarschuwd door een dalende renner op de fotograaf in de berm. Dus even de bril recht en het shirt dicht en lachen naar het vogeltje. (foto volgt nog). Daarna weer volle aandacht op het voorwiel en de berm zodat ik bijna een hardloopster voor haar sokken reed. Sorry dame.

Een kilometer voor de top staat een monument voor de daar overleden renner Tommy Simpsom. De weg wordt hier ook gelijk steiler, maar dan ben je er bijna. Nog even volhouden, dan de laatste bocht, daar is het torentje. Nog 5 trappen en klaar. Ik ben boven.

De klok op mijn fietscomputer zegt 1 uur 44. Maar thuis blijk ik niet de stopwatch uit te lezen maar de dagteller. 1:44 is dus inclusief afdaling van ons huisje en 2 rondjes rotonde van Bédoin.  Na analyse van de grafiek houd ik het op 1:42 zuivere speeltijd. Niet slecht al zeg ik het zelf.

Nu begint het wachten J Eén voor één druppelen de mannen binnen. Benno komt verrassend als 2e boven (1:57) met Kees (1:59) op twee minuten en gelijk daar weer Marcel achter. (2:01)

Op de broertjes van G. moesten we langer wachten. Ooit reed Raymond in 1:55 omhoog, maar resultaten uit het verleden bieden geen garantie voor de toekomst. 2:07. René zat er helemaal doorheen en klokte ongeveer 2:20.

Na dat iedereen weer terug in het land der levende was begonnen we aan de afdaling naar Malaucène over een mooie overzichtelijke strakke asfalt plak. Super hard. Dik 75 km/uur op de teller.

In Malaucène was het verzamelen voor een bakkie koffie op het terras en dan het toetje over de Col de Chaine en de Col de Suzette en dan naar huis. Maar waar bleef Raymond. Uitgerekend in de afdaling had hij een lekke voorband. Oppompen hielp heel kort dus daar moest een nieuwe band om het voorwiel. Ook zijn pomp sneuvelde dus het duurde even voor we ons neer konden vlijen op het terras.

Na een wel verdiende Cola gingen maakte we ons op voor het toetje. Omdat Rene het erg zwaar gehad had vandaag lag het tempo na de 2 colletjes erg rustig om toch met z’n alle thuis te kunnen komen.

De plannen om morgen 3x naar boven te gaan zijn tijdens het diner gesneuveld. De meesten willen de benen toch een dagje rust gunnen zodat onze monstertocht uitgesteld is naar donderdag. Maar let wel van uitstel komt GEEN afstel.

Race + 75km
2100 hoogtemeters.

maandag 28 juni 2010

om de berg heen

Maandag, de dag van Nederland - Slowakije. Dus wij startten vandaag in het oranje. Marcel had voor vandaag een leuk rondje bedacht. Gewoon om de berg heen. Omdat het overdag zo heet wordt zaten we vandaag al om half negen op de fiets. Gelukkig is het nog maar 26 graden buiten. Prima fiets weertje dus.

Vanaf Bédoin vertrokken we richting Mont Ventoux, dus over de koperen streep maar na een paar kilometer gingen wij rechts af naar Flassan. Hierna door richting Villes s Auzon en daar begon het klimmen. 15 kilometer door de kloof “Gorges de la Nesque”. Schitterend mooi. Met een gangentje van 21 km/uur reden we naar 734 meter hoog. Een hele fijne klim. Na een fotomomentje reden we door naar Sault om even te verkennen waar we woensdag moeten stempelen als we 3x de Mont Ventoux beklimmen. Gelijk maar een kopje koffie genuttigd en toen door via Aurel richting Montbrun les Bains.


Onderweg reed René weer eens lek. Hoeveel lekke banden kan iemand hebben? René is absoluut record houder. Als het blad FIETS een mini-pompen test gaat houden moeten ze René in huren. Zo veel ervaring met banden op pompen in het veld heeft niemand.

We reden na dit oponthoud door over de D41, naar de top van de Col des Aires. Het tempo werd steeds meer opgevoerd en op het laatst gingen we met dik 33 km/uur langs het Col bordje. De bergpuntjes gingen naar Raymond die op het juiste moment wist te versnellen.

Na de Col de Fontaube konden we dalen. Mooi asfalt, prettige bochten, super. We reden door naar Mollans s Ouveze maar onderweg kwamen we langs Kees z’n kerkje op de rots. Ooit had hij dit kerkje gespot maar later nooit meer terug kunnen vinden. Het staat dus in Pierreloungue, Kees.

In Mollans s Ouveze, op het terras bij de brug tijd voor een koude versnapering, om daarna de laatste etappe in te zetten. Van Mollans s Ouveze naar Malaucene en dan over de Col de Madeleine terug naar Bédoin.

Net na Malaucene had René wederom lek. Gelukkig wordt hij steeds sneller met het vervangen van de bandjes en nog geen 10 minuutjes later begonnen we al aan de laatste beklimming. De 2 mannen die ons inhaalde bij een kruising toen Kees en ik even stil stonden hebben we net voor de top nog in kunnen halen. Ze schrokken wel van de snelheid waarmee wij langs stoven. We doken de afdaling in en reden rond half drie Bédoin weer in.


Ruim op tijd voor een plons in ons zwembad en dan op de bank kijken hoe Nederland met 2-1 wint van Slowakije.

106 km
1215 hoogte meters.

zondag 27 juni 2010

zondagcohtend rit ..

.. vanuit Bédoin. Yep we zitten in de Provence, aan de voet van de kale reus.
Omdat de kernploeg van Fietsgroep Uitgeest nu voor de 10x op hoogte stage gaat, werd er vanwege dit jubileum een keer gekozen voor een locatie iets verder verwijderd van ons vaste rondje in de polder. Met negen man zouden we de reus gaan bedwingen maar helaas hadden we toch 3 afhakers. Jammer.
Maar zo stond er vanmorgen toch 6 man klaar voor het gebruikelijke ritje op zondag. Het zou een rustig rondje worden. Niet de kale berg op, dat komt maandag of dinsdag wel, maar een klein rondje om te wennen aan de omstandigheden. In Nederland is het nu warm, hier in de Provence is het heet! +33 graden Celsius. En dan een berg op fietsen. Gekkenwerk!

René en Marcel hadden een leuk rondje uit gestippeld. Van Bédoin afzakken naar Mormoiron en dan over de D77 naar Venasque, een schilderachtige middeleeuws dorpje op de top van een steile rots. Het laatste stukje liep hard omhoog en ik kon het niet laten om er even aan de sleuren en sprintend het dorp in de stuiven, langs de fontein naar het kasteeltje.


Nadat we hergroepeert waren fietsten we samen naar Gordes. Ook al zo’n mooi dorpje op een hoge rots. Hier stoppen we even voor een kopje koffie met versnapering. Alleen hadden we het advies van Manon moeten opvolgen en niet op het terras midden in het dorp gaan zitten, maar eigenlijk net achter de kerk. Want de koffie hier kostte de hoofdprijs. Dik 5 euro voor een bakkie troost. Oplichters die Fransozen.
Het smaakte echter wel.

Na Gordes kregen we enige echte col van vandaag. Col de la Ligne. 756m hoog. Na dit “puistje” was het dalen richting Méthamis via een mooi slingerweggetje. Lekker hangen in de bochten, goed sturend. Super.
Nu nog één klim naar Blauvac. Hier konden we even rusten bij de fontein in de verkoeling van de bomen. Na de bidons gevuld te hebben bij de pomp door naar Mormoiron en dan weer terug naar Bédoin.

Terug bij ons huisje stond er 88 km op de teller en 1284 hoogte meters. Echt een rustig rondje om er in te komen dus. ;-p
De fietsbroeken werden snel geruild voor zwembroeken en 5 minuten later lagen we alle 6 te spetteren in ons zwembad.